Nederlandse vlag op 9e plaats Paris MoU
Wanneer schepen een buitenlandse haven aandoen, is er een mogelijkheid dat de havenstaat een havenstaatcontrole-inspectie uitvoert om te controleren of het schip voldoet aan alle internationale regelgeving.
Of een schip wel of niet wordt geïnspecteerd hangt onder andere af van het
De Nederlandse vlag staat bekend als kwaliteitsvlag. Nederland scoort namelijk al vele jaren goed in de inspectieregio van het zogenaamde Memorandum van overeenstemming van Parijs inzake havenstaatcontrole (Paris MoU on Port State Control). Zo kan er met trots gezegd worden dat Nederland sinds 2016 de top 10 niet meer heeft verlaten.
Toch was het dit jaar spannender dan normaal, want toen de Paris MoU op 1 juli 2026 de ranglijsten (witte, grijze en zwarte lijsten) van 2025 publiceerde stond Nederland op de 9e plaats van de witte lijst, een daling van 5 plekken ten opzichte van 2024.
Wat valt op aan deze daling?
Het is opvallend dat er in 2025 véél minder (13) aanhoudingen waren dan in 2024 (21 aanhoudingen) terwijl Nederland in 2025 (met een 9e plek) lager eindigde dan in 2024 (met een 4e plek). Je zou op basis van het lagere aantal aanhoudingen in 2025 juist een hogere (top-3) plek verwachten.
Wat ook opvalt is dat het aantal aanhoudingen in 2025 vergelijkbaar is met de jaren 2021, 2022 en 2023, waarmee Nederland toen op een 2e, 4e en 2e plek eindigde. Ook als we kijken naar de oorzaken van de aanhoudingen (aanhoudingsgronden) van Nederlandse schepen in 2025 dan zien we ook geen ander beeld dan in voorgaande jaren.
Wat is dan de reden van deze daling?
Om een antwoord te geven op deze vraag moeten we eerst kijken naar de factoren die mede bepalend zijn voor een plek op de ranglijst:
Het aantal inspecties in de Paris MoU-regio gedurende de afgelopen drie jaar.
Het aantal aanhoudingen tijdens die inspecties gedurende de afgelopen drie jaar.
De ‘excess factor’.
Het aantal inspecties in de Paris MoU-regio gedurende de afgelopen drie jaar.
In de periode 2023–2025 zijn 2.610 havenstaatcontrole-inspecties aan boord van Nederlandse schepen uitgevoerd.
Het aantal aanhoudingen tijdens die inspecties gedurende de afgelopen drie jaar.
In de periode 2023–2025 hebben de havenstaatcontrole-inspecties aan boord van Nederlandse schepen geleid tot 46 aanhoudingen.
De ‘excess factor’.
De excess factor is een statistische maatstaf die aangeeft hoe een vlaggenstaat presteert ten opzichte van een door Paris MoU gehanteerde referentiewaarde van 7% aanhoudingen over een periode van drie jaar. De excess factor houdt rekening met zowel het aantal inspecties als het aantal aanhoudingen.
Eerst worden twee statistische grenswaarden berekend:
Grey-to-White grens: onder deze grens presteert een vlag significant beter dan gemiddeld.
Black-to-Grey grens: boven deze grens presteert een vlag significant slechter dan gemiddeld.
Vervolgens wordt de positie van de vlag ten opzichte van deze grenzen bepaald:
Excess factor < 0 → Witte lijst (beter dan gemiddeld)
Excess factor tussen 0 en 1 → Grijze lijst (gemiddeld)
Excess factor > 1 → Zwarte lijst (slechter dan gemiddeld)
Voor vlaggen op de witte of zwarte lijst wordt het referentiepercentage van 7% telkens met stappen van 3 procentpunt verlaagd of verhoogd totdat het statistische model overeenkomt met het werkelijke aantal detenties. Het aantal benodigde stappen bepaalt uiteindelijk de excess factor. Hoe negatiever de excess factor, hoe beter de prestatie van de vlaggenstaat.
De lat blijft stijgen
Wanneer we naar alleen het aantal aanhoudingen, het aanhoudingspercentage (het aantal aanhoudingen t.o.v. het aantal inspecties in een jaar) en de excess factor kijken dan kunnen we zeggen dat Nederland in 2025 net zo goed presteerde als voorgaande jaren, maar dat er in 2025 acht vlaggen waren die net iets beter presteerden.
Het is net als in het wielrennen: in het ene jaar sta je op het podium van de Tour de France met een wattage van 6,6 Watt/kg en een jaar later haal je met hetzelfde wattage maar net de top-10. De lat blijft stijgen, wat gisteren een topprestatie was, is vandaag de norm.